« A bas, à bas, à bas le patriarcat !»: dit was genderweek 2024

Progressief drieluik en geïsoleerde N-VA op Kopstukkendebat Gendergelijkheid

Tekst: Tessa Cacciato en Sara Sintubin

Beeld: Jane Frippiat, Tessa Cacciato, Lien Smets

Aan de vooravond van Internationale Vrouwendag organiseerde de vakgroep Politieke Wetenschappen van de VUB het ‘Kopstukkendebat Gendergelijkheid verkiezingen’. Het all-female panel omvatte politieke zwaargewichten als Vlaams viceminister-president Gwendolyn Rutten (Open-VLD), covoorzitster Nadia Naji (Groen), fractieleider Hannelore Goeman (Vooruit), kamerlid Kathleen Depoorter (NV-A) en voorzitster van Vrouw en Maatschappij Lynn Callewaert (CD&V). Zij verdedigden de standpunten van hun partij in vraagstukken rond abortus, discriminatie en geweld, gender en seksuele identiteit, en onderwijs. Professoren Karen Celis en Dave Sinardet leidden het debat in goede banen. “Het is uitzonderlijk dat ik als enige man in een politiek debat zit. Jammer dat enkel vrouwen zich aangesproken voelen om over gender en diversiteit te debatteren”, aldus Sinardet.

De panelleden kregen elk twee minuten om hun prioriteiten rond gendergelijkheid te verdedigen. Callewaert (CD&V) ging van start en benadrukte drie kernpunten die voor haar prioritair zijn: de hervorming van verlofstelsels bij zwangerschap en geboorte, meer aandacht voor het vrouwenlichaam in de gezondheidssector en gendergeweld. Depoorter (N-VA) benoemde “de ongelijkheid die onze samenleving nog altijd kenmerkt”. “Zaken als genderongelijkheid in het onderwijs, dadertesten na verkrachting, kinderopvang en gendergeweld moeten dringend worden aangepakt”. Met de leuze “De strijd gaat voort!” sprak Goeman (Vooruit) het activistische samenhorigheidsgevoel aan. Onder meer kinderopvang, abortuswetgeving en haatspraak staan voor haar hoog op de politieke agenda. Ook Naji (Groen) riep op tot aandacht voor de kinderopvangcrisis. Verder stelt ze dat het geboorteverlof en de loontransparantie een prioriteit moeten zijn. Rutten (Open-VLD) benadrukte dat liberaal zijn in de eerste plaats vrijheid impliceert. “Die vrijheid staat vandaag onder druk”. Daarom pleit ze voor het recht op zelfbeschikking als grondrecht. 

Door een stellingenspel werden de meningsverschillen tussen de panelleden en partijen duidelijk. De opdeling tussen de progressieve Vooruit, Open-VLD en Groen en de conservatievere CD&V en N-VA was snel gemaakt.

Abortus

Een eerste punt van discussie was de afschaffing van de verplichte wachttijd (zes dagen na een eerste consultatie, red.) vooraleer abortus kan worden uitgevoerd. Callewaert en Depoorter stemden tegen. Goeman bracht hier tegenin dat “de wachttijd impliceert dat vrouwen niet in staat zijn op eigen houtje een weloverwogen beslissing te maken. Het is alsof de keuze tot abortus je wordt afgeraden”. Naji trad haar bij: “Alsof vrouwen een dokter nodig hebben om logisch te redeneren.”

De abortustermijn, de periode waarin een abortus nog wettelijk mag worden uitgevoerd, bedraagt momenteel twaalf weken. Volgens Rutten, Naji en Goeman moet die  verhoogd worden naar achttien weken, naar het voorbeeld van Nederland. Callewaert wierp daar tegenin dat wetenschappelijk onderzoek aantoont dat de foetus al vanaf vijftien weken pijnperceptie ervaart. Depoorter, ook tegenstander van de termijnsverhoging, reageerde verbaasd: “Laten we inderdaad bij de wetenschap blijven. Wat de foetus vanaf week vijftien ervaart, zijn reflexen, geen pijnperceptie. Maar als een vrouw voor week twaalf nog niet weet dat ze zwanger is, moeten we ons afvragen of ze wel de juiste medische zorg heeft gekregen.” Rutten, ondersteund door uitvoerig geknik van panelleden Naji en Goeman, was scherp: “Dat heeft niets te maken met de medische begeleiding. Wel is aangetoond dat hoe beter en duidelijker de abortuswetgeving is, hoe minder vrouwen abortus ondergaan. Als we het voorstellen als een medische fout, brengen we vrouwenlevens juist in gevaar.”

Discriminatie en geweld

Bij de stelling dat geweld in het uitgaansleven een mentaliteitsprobleem is in plaats van een politiek probleem, stemde enkel Depoorter voor. “Het is niet alleen een politiek probleem. Het heeft ook veel te maken met middelengebruik.” “De veiligheid van vrouwen is juist een politiek probleem. De politiek kan de veiligheid vrijwaren door justitie en politie. Roesmiddelen zijn daarbij irrelevant”, reageerde Naji. Callewaert kwam als enige met een concrete oplossing: protocollen voor horecamedewerkers en omstaanderstraining. Zij pleitte ervoor om mensen de juiste tools te geven om gepast te reageren, een maatregel waar ook de overige panelleden mee instemden. 

Over de kwestie van de genderquota op politieke lijsten waren de panelleden het unaniem eens. “Om te voorkomen dat vrouwen worden weggepest uit de politiek, zijn die quota jammer genoeg nog nodig”, aldus Goeman.

Enkel Naji vindt dat politici uit hun functie ontheven moeten worden na discriminerende uitspraken. Is dat niet overdreven? “Nee, racisme is overdreven. Het is de logica zelve dat politici dan uit hun functie ontheven worden.” Goeman bevestigde dat bij Vooruit iedereen het uiteindelijk eens is met het ontslag van voormalig voorzitter Conner Rousseau: “Words matter.”

Gender, seksuele identiteit en onderwijs

Mogen leraren hoofddoeken dragen in alle onderwijsinstellingen? Rutten en Depoorter vinden van niet. “De  neutraliteit op school moet gegarandeerd blijven. Een kind kan door een hoofddoek beïnvloed worden”, stelt Depoorter. Callewaert is genuanceerder en vindt dat scholen zelf moeten kunnen kiezen in welke mate levensbeschouwing voor hen belangrijk is, een denkpiste die ook Rutten volgt. “Scholen moeten dat zelf kunnen beslissen. Zo heeft het GO! onderwijs zelf de keuze gemaakt om neutraliteit te waarborgen op haar scholen. Maar ik wil zeker geen wet die verbiedt dat leerkrachten voor de klas mogen staan met hoofddoek.” Naji koppelt terug naar de autonomie van de vrouw: “Vrouwen bepalen zelf wat ze dragen, zo eenvoudig is het. Of moeten we ook daar een bedenktijd van zes dagen verplichten?” Goeman wees er dan weer op dat we in tijden van aanhoudende lerarentekorten geen moslimvrouwen mogen weren uit het onderwijs.

Aan het eind van de avond filosoferen de vijf panelleden over hoe de politiek voor vrouwen een veiligere plek kan worden. Naji stelde voor om de online comment sections beter te modereren. Depoorter sloeg het over een andere boeg: “We mogen niet alles op gender steken. De politiek is nu eenmaal hard. Laten we niet dramatiseren. Als vrouw voel ik me niet dikwijls anders aangesproken dan mannen.” “Politiek hoeft niet hard te zijn”, reageerde Callewaert. “De kracht zit in de samenwerking van vrouwelijke politici.”

Tot slot lieten Sinardet en Celis de cijfers spreken. Via een poll bleek dat het publiek duidelijk meer naar de linkerkant leunde, met Groen en Vooruit op kop. “Ik heb zo’n voorgevoel dat deze uitslag niet representatief is voor de komende verkiezingen”, grapte Sinardet. Maar uit de volle en enthousiaste zaal blijkt dat genderissues voor studenten wel degelijk doorwegen. Het debat eindigde op een positieve noot: “Het is fijn om scherpe inhoudelijke debatten te voeren, zonder dat iedereen elkaar onderbreekt”, aldus Celis. Of dat iets te maken zou hebben met het all-female panel liet ze nog in het midden. 

De mars van 8 maart

We waren met enorm veel: 7000 mensen kwamen van her en der naar Brussel om op Internationale Vrouwendag deel te nemen aan de vrouwenmars. Het was een prachtige vrijdagavond, de zon viel over de Brusselse daken en de paarse kleur overheerste in de straten. We kwamen allemaal met hetzelfde doel: vechten voor de fundamentele rechten van alle vrouwen ter wereld. We kenden de kreten, we staken onze bordjes in de lucht, sommigen onder ons gingen creatief aan de slag met rook, vlaggen en luidsprekers. De hoofdstad werd een ‘feminismebom’. Die eenheid zorgde voor kracht, een voelbare kracht in de straten van Brussel. 

De schorre kelen, de wandelschoenen: we vochten allemaal dezelfde strijd, maar achter die gezamenlijke schreeuw schuilden ook individuele stemmen. De Moeial was benieuwd naar wat deze deelnemers precies naar Brussel brachten. Met de opkomende politieke verkiezingen in het achterhoofd polsten we ook of feminisme een belangrijke factor is voor hun partijkeuze. 

 

“Nous sommes fortes, nous sommes fières. Et féministes et radicales et en colère!”

 Als eerste kruisen  we Barbara van ‘Furia vzw’, een feministische denktank en actiegroep. Haar organisatie strijdt onder andere voor meer aandacht voor zorgmedewerkers. Zo vermeldt Barabara dat zorgverleners  die met dienstencheques werken, nog altijd een enorm slecht statuut hebben, waardoor  een voltijdse betrekking onmogelijk is. In de zorg wordt de verplaatsing tussen werkplaatsen namelijk niet meegeteld als werktijd en bijgevolg ook niet vergoed. Dat maakt het bijna onmogelijk om met dit loon rond te komen, haalt Barbara aan.

 

Toch benadrukt ze nogmaals hoe belangrijk zorgverleners  zijn voor onze maatschappij. “Als er geen zorg is, gaat niemand nog naar zijn  werk gaan. Als er geen eten wordt gemaakt en als je bureau niet gepoetst wordt, dan kan  je niet goed presteren.” Over het algemeen is er volgens Barbara gewoon te weinig aandacht voor deze problematiek. Op de vraag of ze dus meewandelde voor de vrouwen in de zorg, antwoordde ze: “We staan hier voor de vrouwen die het moeilijk hebben. We zijn zowel feministisch als antiracistisch.”

 

Ten slotte vragen we aan Barbara of politieke argumenten over gendergelijkheid haar stem in de aankomende verkiezingen beïnvloeden. Daarop antwoordt ze volmondig “ja”. Ze verkiest politici die solidariteit en gelijkheid stimuleren en initiatieven voor gelijkheid en het beslissingsrecht voor vrouwen oprichten. “Wat je aan hebt, bepaalt nog te vaak hoe er naar jou gekeken wordt.”

 

“La rue, elle est à qui? Elle est à nous!”

 Internationale Vrouwendag is voor de Franstalige Brusselse Charlotte  zeer  belangrijk. Ze benadrukt dat feminisme al eeuwen bestaat en ook de terechte veranderingen teweeg heeft gebracht, maar dat de beweging vandaag meer dan ooit nodig is. “Protest maakt daar nu eenmaal deel van uit”, vertelt Charlotte. “Het is belangrijk om te pleiten voor  rechten  die momenteel geen gegeven zijn, maar dat wel zouden moeten zijn. ” 

“Mensen denken dat gendergelijkheid anno 2024 wel bestaat, maar daar zijn we nog steeds niet. De loonkloof is nog steeds veel te groot”, zegt Charlotte. “En om deze problematiek op te lossen, moeten we lokaal denken om globaal te denken, en vice versa.” Charlotte onderstreept dat wij in het Westen de kracht hebben om voor de wereldwijde genderongelijkheid te vechten.

Naast een globaal probleem, voegt Charlotte al wandelend toe, is het ook een probleem in het hele systeem dat onze samenleving in bedwang houdt. “Genderongelijkheid hangt ook samen met onder andere het kapitalisme, het hele samenlevingssysteem is verrot.”

Ook voor Charlotte is deze argumentatie belangrijk tijdens de verkiezingen. Gendergelijkheid moet voor haar een prioriteit worden in de volgende Europese verkiezingen – naast andere vooruitstrevende doelen zoals klimaatacties en antiracisme. “Maar feminisme beïnvloedt andere problemen”, sluit Charlotte af. “Wie graaft naar één probleem, komt er nog duizenden anderen tegen.” 

 

“Tout’ opprimées, tout’ révoltées, tout unies pour résister!” 

 Ondertussen schemert het al  en zijn onze kartonnen bordjes niet meer goed leesbaar. Enkele auto’s banen al toeterend hun weg door de menigte. 

Aan de zijkant van de stoet zien we twee vrouwen wandelen, de Italiaanse Martina en de Mexiaanse Cristál. Zij lopen in de eerste plaats mee voor vrouwenrechten in het algemeen. Ze sluiten zich dan ook aan bij alle boodschappen.

Op Martina haar bordje staat een tekening van een vrouwenlichaam, met daarboven het woord ‘endometriosis’ in dikke zwarte alcoholstift geschreven. De persoonlijke strijd die ze in deze vrouwenmars voert, vertelt ze, is die van de genderongelijkheid in de gezondheidszorg, met de nadruk op de lichaamsgezondheid van vrouwen. Ze wil taboeonderwerpen als endometriosis en pijnlijke seks in de kijker zetten. “Er is te weinig aandacht voor deze problematieken”, meent ze. 

Cristál treedt haar bij: “We waren er zonet nog over bezig: we zouden willen dat mensen er ook meer kwaad van werden.”

 Cristál toont ons haar bordje, waarop in pen een lange Spaanse tekst staat geschreven. 

“Er staat op dat we iets moeten doen aan het geweld tegenover vrouwen –  niet alleen het fysieke geweld, maar ook de ongelijkheid. Het feit dat een vrouw niet zorgeloos naar buiten kan, of dat ze zich onderdrukt voelt. Zelfs dat is een vorm van geweld.”

Tenslotte vragen we hen of ze feminisme in de politiek belangrijk vinden. Cristál weet ons te zeggen dat het een jaar vol verkiezingen is, niet alleen in Europa, maar wereldwijd. Wanneer ze vertelt dat het een van haar prioriteiten is tijdens het stemmen, stemt  Martina in . “We willen veranderingen, niet alleen globaal, maar ook op een lokaal niveau. We want equity, not only equality. Het is aan het lokaal bestuur om iets te doen aan de infrastructuur, zoals openbare wc’s of de nodige verlichting op straat. Zulke initiatieven bevorderen niet alleen de veiligheid van vrouwen, maar alle personen in een maatschappij.”

 

“So, so, so, solidarité, avec les femmes, du monde entier.”

Ook in de rest van de wereld werd er op Internationale Vrouwendag gevochten voor gelijke rechten. In Madrid waren tienduizenden betogers aanwezig, in Parijs 100.000, en in Mexico Stad waren dat er maar liefst 180.000 mensen. Allemaal samen, in stilte of al roepend, droegen we in deze editie een steentje bij  aan de geschiedenis van het feminisme. 

De Internationale Vrouwendag stond dit jaar voor de vrees voor de inperking van vrouwenrechten in de toekomst. De wereldwijde extreemrechtse politieke krachten duwen ons eeuwen terug de tijd in. En die vrees is voelbaar tot in de uithoeken van de wereld. 

 Op 8 maart 2024 herdachten we de vele slachtoffers van huiselijk geweld en femicide; de slachtoffers van grensoverschrijdend gedrag; de vrouwen in Gaza, Congo, Oekraïne, Turkije en andere in-de-media-afwezige plekken; de geschoolde én ongeschoolde meisjes; de moeders en de zussen; de slachtoffers van de abortuswetten, die hun leven moeten geven voor een dat nog niet begonnen is; de uitgehuwelijkte tienermeisjes en de ongehuwde volwassen vrouwen; de vrouwen die niet mogen houden van wie ze willen, en zij die niet van zichzelf mogen houden; de endometriose-patiënten, de vaginismus-patiënten, en de patiënten wier problemen door gebrek aan onderzoek nog altijd niet opgelost kunnen worden; de vrouwen die zich ‘s nachts buitenshuis niet veilig voelen en zij die zelfs ín hun huis niet veilig zijn. 

Op 8 maart 2024 herdachten we jou. 

 

 

0 Comment