Is er leven na de unif?

Er moet gezegd worden waar het op aan komt: na je studies ga je (het liefst van al) werken. Dat studeren nog steeds een privilege is, daar staan velen niet bij stil. Onderwijs kan op verschillende manieren geïnterpreteerd worden: het is een voorbereiding op het leven, het is algemeen vormend, het moet je een interessante job kunnen bieden, het moet je een goedbetaalde job schenken … Je studies moeten je een zekerheid geven over je eigen bestaan binnen deze maatschappij. Sociale opwaartse mobiliteit is niet onwelkom. Misschien belangrijker van al, je moet duidelijk weten waar je heen wil, geen evidentie dezer dagen. De Moeial ging enkele ervaringen sprokkelen van stagiairs, werkende alumni en een eenzame reiziger.

Afschrikwekkend dichtbij is dat laatste jaar, al zit je nu in je eerst of tweede. Vier of meer jaar studeren is eigenlijk niet zo veel, en de wereld van werkende, volwassen mensen loert om de hoek. Laatstejaars weten niet steeds waar ze aan toe zijn. Vanuit de arbeidsmarkt is men zich hier van bewust: er zijn jobbeurzen het hele jaar door, informatiedagen van tal van instellingen worden je om de oren geslagen, informatiesessies voor deze of gene skill worden op verschillende tijdstippen aangeboden. Je curriculum vitae moet er niet meer netjes uitzien maar je enthousiasme moet er afdruipen.

De afstand tussen studie en werk is, zeker op de universiteit, erg groot geworden. Universitaire studies zouden niet genoeg gericht zijn op praktijk, is een verwijt dat men vaak hoort. Stages, practica en extracurriculaire activiteiten moeten de nodige ervaring schenken. Werkgevers hebben ook liever en liever een tweede diploma, buitenlandse ervaring en vijf talen die vlot gebabbeld én gepend kunnen worden. In een globaliserende arbeidsmarkt moet men één en al challenge en opportunity zijn.

Enkele van de opties om te doen na de studietijd werden reeds aangehaald. Stages en verder studeren liggen erg voor de hand. Gaan werken is zeker een optie, na vier jaar of meer aan de universiteit is het uitzicht naar het doen van concretere zaken en het streven naar onafhankelijkheid een positief maar ook beangstigend vooruitzicht voor sommigen. Werkloosheid is echter geen keuze, al bestaat die mogelijkheid zeker, in deze onzekere tijden is dit ook een optie die men in het achterhoofd moet houden.

De buitenlandse stage

Stijn Van Hummelen studeerde af als master in de politieke wetenschappen en vond – na enig zoekwerk – een stage aan de Universidad Centroamericana in Managua (Aréa de Desarrollo Agrario y Rural) in Nicaragua, een partner van de Belgische NGO Volens. Van Hummelen interesseerde zich in ontwikkelingssamenwerking en deze vrijwilligersjob lag in het verlengde hiervan. Van Hummelen hield zich in Nicaragua bezig met fundraising en projecten, volgde twee cursussen en volgde de activiteiten in de gemeenschappen op.

De buitenlandse ervaring staat niet alleen mooi op zijn cv: “Wat voor mij belangrijk is aan langere periodes in het buitenland, is dat je even afstand kan nemen. Na enkele weken ontwikkel je een schrijfstijl die aansluit bij die van je werkgever, zodat de rode aantekeningen na verloop van tijd in aantal afnemen. Een ander punt waar ik ook snel aan gewend raakte waren de lange dagen. Wanneer er genoeg werk is om je bezig mee te houden, vliegt de tijd en is het rap 8, 9 of 10 uur.

“Je bent ook verwijderd van je vertrouwde habitat. Dat laat je toe om enerzijds onze maatschappij kritisch te bekijken en anderzijds geheel jezelf te zijn in een nieuwe context, althans tijdelijk. Je leven in België wordt vormgegeven door sociale relaties en verwachtingen ten aanzien van je persoon en het is vaak onmogelijk om je daar van los te rukken, een mens wil nu eenmaal bevestiging. Een lang verblijf in het verre buitenland laat je toe te herbronnen en jezelf beter te leren kennen.”

Een goede raad voor onze laatstejaars? “Laat je niet tegenhouden door angst voor het onbekende. Je past je sneller aan dan je denkt en voor je het weet wil je niet meer terug naar het o zo beminde België. En de familie en vrienden gaan het echt niet zo erg vinden als je zelf denkt.”

Werken op een advocatenkantoor

Maarten Van Ingelgem werkt nu op het departement Sociaal Recht in een advocatenkantoor, en houdt zich bezig met het adviseren en juridisch bijstaan van ondernemingen en werkgevers met betrekking tot de rechten en verplichtingen in de verhouding werkgever-werknemer. Van Ingelgem studeerde echter af binnen de afstudeerrichting Europees en Internationaal Recht, en hij moest enkele vakken aan de VUB volgen om zijn kennis op te krikken. Aanvankelijk was het idee om een zomerstage te volbrengen, en nadien verder te studeren maar hij kreeg een aanbod om voltijds te gaan werken, en daar twijfelde Van Ingelgem niet lang over.

Het eerst jaar verliep voor Van Ingelgem redelijk vlot: “Uiteraard zijn er de normale beginnersfouten. Het eerste advies dat ik opstelde kreeg ik terug met de traditionele rode aantekeningen en verbeteringen.” De grootste uitdaging was voor Van Ingelgem: onder tijdsdruk kwalitatief werk afleveren. Zijn opleiding gaf hem een stevige methodiek mee, maar op de werkvloer verliep het anders: “In de eerste weken besef je al snel dat de onderwezen materie op de universiteit slechts het figuurlijk topje van de ijsberg is. Een rechtsbepaling die in je cursus slechts vermeld wordt in een voetnoot, maakt op kantoor het onderwerp uit van een advies van enkele pagina’s. Het belangrijkste is om snel vrede nemen met het besef dat je eigenlijk nog niets weet en dat dit absoluut normaal is. De opleiding aan de VUB heeft me een goede basis gegeven van waaruit ik me nu verder kan verdiepen in het sociaal recht.”

Een goede raad voor onze studenten? “Wacht niet te lang met te gaan werken! Als je een interessante job hebt, en je doet wat je graag doet, leer je na een jaar werken enorm veel bij. Als je graag verder studeert, overweeg het dan om het te combineren met werken. Zo kan je praktijk en theorie op mekaar afstellen. Het zal dan waarschijnlijk een zwaar jaar zijn, maar de persoonlijke voldoening zal wel groot zijn. Bovendien levert een jaar werkervaring een goede uitgangspositie op om bijvoorbeeld te appliceren voor een universiteit in het buitenland. Maar voor het zover is: geniet vooral van je laatste jaar universiteit!”

Gezocht: m/v, redacteur

Nick Arys en Daisy Van Lissum studeerden Communicatiewetenschappen aan onze instelling. De eerste is nu eindredacteur op de sportredactie van Het Laatste Nieuws, de tweede is redacteur bij Test-Aankoop (Test-AankoopTest Gezondheid en Budget & Recht).

Beiden vonden al bij al gemakkelijk hun job, ondanks hun dichtbevolkte studierichting: “Het was niet gemakkelijk om iets te vinden wat ik wou doen of wat in mijn interessegebied of afstudeerrichtingen lag. Er zijn naar mijn mening te veel richtingen en studenten Journalistiek”, aldus Arys. Hij had aanvankelijk een job bij Het Laatste Nieuws, in 2006, maar door de besparingen moest hij vertrekken. Na een studie aan de VUB en enkele interimjobs kon hij er terugkeren. Door zijn eerdere werkervaring wist Arys wat hem te wachten stond. “Je maakt de krant en bent ’s anderdaags fier op je pagina’s die je perfect in orde gezet hebt.” Van Lissum was ook blij met haar eerdere ervaringen: “Ik had het geluk dat ik eerst een Bachelor Journalistiek heb gehaald en twee stages heb gelopen bij grote kranten, anders zou ik niet voorbereid zijn geweest.” Anderzijds wilde zij veel bijleren, initiatief nemen en zichzelf bewijzen.

Een goede raad? Arys: “Wees realistisch. Je moet het zelf waarmaken. Je gaat niets in je schoot geworpen krijgen.” Van Lissum: “Doe wat je graag doet. Dan komt alles wel op z’n pootjes terecht.”

De ingenieur

Aurélie De Coster behaald een master in de Ingenieurswetenschappen, Werktuigkunde-Elektrotechniek. Zij werkt nu bij een klant van Alten, Asco Insustries in Zaventem, voor een jaar. Ze werkt er mee aan de productie van mechanische onderdelen voor de luchtvaartindustrie. De Coster koos opzettelijk voor consultancy: “Het grote voordeel is immers dat je op enkele jaren tijd verschillende projecten in verschillende industrieën hebt uitgevoerd, en op deze manier heel wat brede kennis hebt vergaard.”

De Coster stuurde verschillende cv’s, gedurende verschillende maanden, tot zij het antwoord kreeg van haar huidige werkgever. Zij keek er in het bijzonder naar uit om “in de praktijk te kunnen omzetten wat we tijdens de studies in theorie gezien hebben.” Het verschil tussen studeren en werken is voor haar duidelijk: “Ik leer nu mijn geld beter beheren. Het belangrijkste verschil is verantwoordelijkheid. Als je als student een les mist, een labo verknoeit of op een examen faalt, breng je enkel jezelf in de problemen. Maar wanneer je op het werk vertraging oploopt of een fout maakt, zijn de gevolgen niet enkel voor jezelf maar ook voor je collega’s.”

Een tip? “Geniet van het studentenleven! Bij het solliciteren is het niet zozeer je kennis die op de proef gesteld wordt (eens je je diploma behaald hebt is dit op zich al bewezen), dan wel je manier van redeneren, je motivatie om te werken en je communicatievaardigheden.”

Werken? Reizen, ja!

Pascal Nosenzo werkte een maand in een marketingbureau, maar de filosofie van de mensen in die omgeving sprak hem niet aan en was niet te vereenzelvigen met zijn eigen wereldbeeld. Wat doe je dan? Nosenzo besloot een fietsreis te maken, van Vancouver tot San Diego. “Ik ben deze reis begonnen om te achterhalen hoe andere mensen hun leven leiden en wat de mogelijkheden en gevolgen van hun keuzes zijn.”

0 Comment